Erebia ottomana

Herrich-Schäffer, 1847

Oostelijke glanserebia

Beschrijving:
De oostelijke glanserebia komt in de bergen op hellingen en vlaktes voor met grazige vegetatie en op geringe hoogten op open plekken in bossen. De rupsen voeden zich o.a. met Festuca ovina (genaald schapengras). De soort heeft één generatie per jaar.

Leefgebied:
Sub-alpien grasland
Droge zure graslanden
Droog kalkgrasland en steppe
Matig voedselrijk grasland
Naaldbos
Puinhellingen

Sterk gelijkende soorten:
Erebia nivalis

Verspreiding:
Komt lokaal in Z-Europa voor: in Frankrijk in ZO-Centraal Massief (Ardèche, Cevennen), in NO-Italië (omgeving Garda-meer) en in ZO-Europa vanaf ZW-Kroatië, Z-Bosnië-Hercegovina en Z-Joegoslavië tot in M-Griekenland. Vliegt van 800-2600m (meestal van 1400-2000m).

Vliegtijd:
juli, augustus.

Status Europa:
Soort is thans niet bedreigd in Europa.

Status Benelux:
Komt niet in de Benelux voor.

Trend en mate van voorkomen per land:
E. ottomana 7

%LABEL% (%SOURCE%)